Helmkruid

Scrophularia nodosa

Dit is een plant die houdt van een vochtige omgeving: hij groeit vooral in vochtige bossen en langs sloten. Het is een vaste plant die niet erg opvalt. Toch heeft hij een bijzondere, donker bruinrode kleur over zich. De bovenste bladeren, die in paren aan weerskanten van de vierkante stengel groeien, maar ook de kleine bloemetjes, hebben deze kenmerkende kleur. Je moet wel goed kijken om de kleur van de bloemetjes te zien, want ze zijn heel klein. Ze groeien in een losse pluim boven op de plant en bloeien de hele zomer.
Het knopig helmkruid heeft een bijnaam: aambeiwortel. Waar helmkruid zich vooral mee onderscheid zijn de wortels. Ze vormen dikke knobbels, die inderdaad wel een beetje doen denken aan aambeien of aan gezwollen klieren. Een andere bijnaam is dan ook klierkruid. Vanouds werd helmkruid ingezet bij kliergezwellen zoals die voorkwamen bij tuberculose, bij verharde lymfeklieren of andere harde knobbels onder de huid. De plant zet de lever en de nieren aan het werk, zodat het lichaam van binnenuit gereinigd wordt. Hij heeft ook een bloedsuikerverlagend effect en beïnvloedt het hart. Tegenwoordig gebruiken we de plant niet meer inwendig. Gelukkig maar, want hij is vrij sterk van werking en weerzinwekkend van smaak. Geen plant om op eigen houtje mee te experimenteren dus.

Uitwendig wordt de plant van oudsher vooral toegepast voor aambeien.