23 september 2019

September vind ik altijd een periode van rijkdom en overvloed. De boeren in mijn omgeving zijn volop bezig met de oogst van maïs en aardappelen. Met het mooie weer van afgelopen week hebben ze ook nog een “snede” gras kunnen inkuilen. In de moestuin is alles rijp voor de oogst: pompoenen, aardappelen, wortelgroenten, bewaarkolen enz. enz. De appels zijn geplukt en opgeslagen.

Alles rijpt op het land en ook in de kruidentuin. Bloemen rijpen uit tot zaden, zodat de planten na de winter terug kunnen komen. Hoewel ik dit jaar echt heel veel goudsbloemen en Sint-Janskruidbloemen heb geplukt, zijn er toch ook heel veel blijven staan die nu volop zaad vormen. Kijk eens goed naar de vruchtjes van het Sint-Janskruid: ze zijn beeldig rood. De zaden van goudsbloem hebben weer allerlei grillige vormen.

Ook in mijn hoofd rijpt er iets: teeltplannen voor volgend jaar. Dat lijkt misschien vroeg, maar zo werkt het elk jaar: in de loop van de zomer ontdek je, wat er volgend jaar nog beter kan. Daar ga je dan over lopen dubben, hoe je dat het beste kunt inrichten. In de loop van de maand september rijpt er bij mij dan een concreet plan. In oktober zal ik met de uitvoering daarvan beginnen.
Wie al eens hier geweest is, weet dat de productietuin is ingericht als een cirkel, met taartpuntvormige bedden. In het midden van de cirkel staat een berkenboom. Vooral van bovenaf (vanuit de cursusruimte bekeken) ziet dat er erg leuk uit. De afgelopen jaren heeft dit ook goed genoeg gefunctioneerd. Juist door de opzet in een cirkel, kon ik het “rouleren” van de planten heel mooi zichtbaar maken. De oranje goudsbloemen stonden elk jaar in een andere taartpunt.
     
Dit jaar merk ik duidelijk, dat ik van sommige planten méér zal moeten aanplanten. Vooral de smeerwortel wordt zo veel gekocht, dat ik de oppervlakte aan smeerwortel zal moeten verdubbelen. En natuurlijk hoop ik dat alles verder zal “doorgroeien”, zodat ik ook van andere planten meer moet aanplanten. Dat betekent wel, dat ik de mooie cirkelvorm ga loslaten. Het werk in de cirkel kan alleen met de hand gedaan worden, en het wordt gewoon te veel. Ik ga de cirkel opheffen en de plantenbedden in rechte banen leggen. Op die manier zal ik voortaan in elk geval het zware grondwerk met de tuinbouwtrekker kunnen doen. Dat is een stuk vriendelijker voor mijn rug.

In de nieuwe opzet wil ik ook wat meer schaduwplekken creëren, zodat er ook voor schaduwminnende planten een geschikte plek te vinden is. Dit zal ik doen, door een rij van bomen (berken uiteraard) en struiken in de tuin op te nemen. Als struiken kies ik voor vlier, meidoorn, sleedoorn en bottelrozen. Direct aansluitend aan deze bomen- en struiken-rij komen dan de houtige kruiden, zoals lavendel, tijm en salie. Die plant ik aan de zonkant naast de struiken, zodat ze extra warmte krijgen. Aan de schaduwkant komen dan adderwortel en smeerwortel, die het de afgelopen twee zomers in de volle zon nogal moeilijk hebben gehad. Zo ontstaat in feite de opbouw die bekend geworden is uit de permacultuur en het systeem van voedselbossen. Ik zie het al helemaal voor me.

Ik heb niet de illusie dat ik dit allemaal in één herfst voor elkaar ga krijgen, maar de helft van de tuin kan ik toch zeker dit jaar al “ombouwen” naar de nieuwe opzet. Volgend jaar komt dan de tweede helft. Tuinieren is vooruitzien…

3 reacties op “23 september 2019
  1. Nannie schreef:

    Thea,
    Heel veel succes met het uitvoeren van je plan! Mooi dat het rijpt tegelijkertijd met de natuur!
    Hartelijke groeten,
    Nannie

  2. Thea,
    Wat een interessant artikel! Veel succes met je plan. Wat gebruik jij als opslagruimte? Heb namelijk een grote tuin en wil daar aardappelen verbouwen. Moet waarschijnlijk een schuur bouwen als opslagruimte. Groetjes, Carla

    • Thea van Hoof schreef:

      Om aardappelen en andere wortelgroenten op te slaan, maken we een kuil. Goed bekleden met stevige doeken om de woelmuizen er uit te houden, dan blijft het heel mooi vers.