28 oktober 2017: klus geklaard!

De vorige keer schreef ik over de grote verhuizing van de oude kruidentuin. Welnu: die klus is geklaard! Ziehier de nieuwe kruidentuin, met gelijkvormige bedden en brede paden, waar veel interessante planten goed te bestuderen zijn.

Oké, er is niet zo veel te zien. Het is herfst en de meeste planten gaan dan ondergronds om te overwinteren. Maar geloof me: de meeste bedden staan vol. Ik heb ook nog wat ruimte gereserveerd voor kruiden die ik volgend jaar uit zaad zal opkweken (ook een manier om te overwinteren!), en zelfs wat reservebedden gemaakt voor als ik nog meer interessante planten tegen kom. Je weet maar nooit; er is zó veel moois.

Het meeste werk voor deze operatie bestond trouwens niet uit het verplanten van de kruiden, maar uit het weghalen van de “on”kruiden. Vooral in het linker bed bleek erg veel éénjarig kweekgras te zitten. Dat zijn dus grasjes die afgelopen zomer hier zijn neergestreken, en die zich met wortelstokken hier hebben gevestigd. Die wortelstokken breken gemakkelijk af, waardoor je niet één, maar twee planten hebt. Het is dus zaak elk stukje van zo’n wortelstok uit de grond te peuteren en af te voeren, omdat ze het vermogen hebben om direct verder te groeien. Dat was in deze situatie extra lastig, omdat ze allemaal nog zo klein waren. Oudere ondergrondse kweekwortels kunnen knap dik worden en zijn dan mooi wit van kleur: goed herkenbaar en gemakkelijk uit de grond te halen (en bovendien een waardevol voedingssupplement, rijk aan mineralen). Deze jonge kweekplantjes hadden alleen nog hele dunne, geelgroene uitlopers, die heel moeilijk te zien zijn. Ik heb heel wat uren op de knieën gezeten om met een stofkam de kweek uit de grond te halen. En ik weet zeker dat ik ze lang niet allemaal te grazen heb genomen. De kans is dus groot, dat in de wortelstelsels van mijn vaste planten nu ook kweekworteltjes zitten; een zeer ongewenste situatie, want daar krijg ik ze nooit meer weg. Ik hoop maar dat het er weinig zijn, zodat het nog mogelijk is ze te bestrijden door de bovengrondse delen van de plant, de grasspriet dus, steeds consequent weg te halen. Dan put je die kleine, jonge wortelstokken natuurlijk vrij snel uit (hoop ik).
Het daadwerkelijk verplaatsen van de kruidenplanten werd in de loop van de tijd steeds lastiger, omdat de bovengrondse delen van de plant afsterven in de herfst. Om die reden had ik het eigenlijk graag vroeger in het najaar willen doen, maar dat is gewoon niet gelukt. Gelukkig is het, met heel goed kijken, toch gelukt alle planten terug te vinden. Zo had ik een gebiedje in de oude kruidentuin, waar diverse planten ongestructureerd door elkaar groeiden. Daartussen: drie verschillende soorten munt. Die munt is inmiddels helemaal in de grond verdwenen; alleen de uitgebloeide, verdorde stengels van afgelopen zomer staan er her en der nog. Die zijn niet meer herkenbaar. Gelukkig heeft munt een extra kenmerk, waardoor het mogelijk is de verschillende variëteiten uit elkaar te houden: de geur. De pepermunt was absoluut als zodanig te herkennen dankzij de sterke geur, die ook in de wortels zit. Ik heb dus flink zitten snuffelen in een rommelige, half omgespitte tuin; mijn gezicht zag er zwart van. Een ander handigheidje is, dat ik van sommige planten elk jaar de wortels opgraaf om ze te gebruiken in kruidenrecepten. Deze wortels heb ik daardoor goed leren kennen. Er is een wereld te ontdekken onder de grond! Geen twee wortelstelsels zijn precies hetzelfde.

in de kruiwagen: Sint-Janskruid, helmkruid, munt

dit is de oude, slecht toegankelijke kruidentuin

hier komt de nieuwe kruidentuin

werk in uitvoering

op de helft

Nu heb ik twee mooie, ruim opgezette kruidentuinen, gescheiden door een – met gras begroeide – weg.
De ene is de productietuin met grote, taartpunt-vormige bedden. Ik heb dit nu ook wat verder geperfectioneerd: de keukenkruiden, die puur voor de sier in de hoeken buiten de cirkel stonden, heb ik weg gehaald en in de nieuwe tuin opgenomen. Enkele kruiden, die ik in mijn producten gebruik, stonden nog in de “oude” kruidentuin. Die hebben nu een plaatsje gekregen in de productietuin, zodat die er volgend jaar anders uit zal zien.
De andere tuin is verdeeld in recht hoekige vakken, met heel veel mooie en interessante geneeskrachtige planten. Er staan ook twee rijen met bramen en frambozen; geneeskrachtige planten (het blad is zeer waardevol in kruidenthee), waarvan we natuurlijk ook de vruchten gaan plukken. De tuin wordt begrensd door twee hakhoutbosjes met wilgen en berken; eveneens waardevolle geneeskrachtige planten (niet alle “kruiden” zijn kruiden; soms zijn het bomen!). Die boompjes zijn nog erg jong, maar ze groeien goed. Geef het nog een jaar en het wordt hier een paradijsje!

Delen:Share on FacebookTweet about this on TwitterShare on LinkedInShare on Google+Email this to someone