voorjaarsschoonmaak (13 april 2019)

April doet wat ie wil…

Het vorige blog schreef ik aan het begin van de grote voorjaarsschoonmaak, toen het heerlijk warm weer was. Vandaag heb ik het werk in de tuin afgeblazen omdat het te koud is en bovendien valt er af en toe een beetje sneeuw.

Toch schiet het al goed op. Van de vaste planten moet ik twee bedden nog schoonmaken: het zilverschoon en de wollige munt. Beide planten zijn mooi uitgelopen en zeer goed herkenbaar. Wel zijn het planten die een nogal chaotische groeiwijze hebben zodat er bepaald geen rechte rijtjes in de bedden staan. Dat wordt nog even flink peuteren.

Ook de bedden voor de éénjarigen zijn inmiddels schoon. In plaats van een overwegend groene kruidentuin, heb ik nu heel veel zwarte grond zichtbaar gemaakt. Dat ziet er op dit moment misschien niet super uit, maar uiteindelijk zal dit weer een fraaie tuin worden. Op de vrijgekomen bedden heb ik goudsbloemen gezaaid, en kamille, weegbree en Sint-Janskruid geplant.

De plantenbedden die “leeg” waren – dat wil zeggen dat er geen gewenste planten op stonden, maar alleen “onkruid” – probeer ik altijd schoon te maken volgens de methode “omleggen en aanlopen”. Dat lijkt erg op het traditionele spitten: je steekt met de spade het begroeide deel van de grond af en legt het op zijn kop weer terug. Alleen doe je dat zo oppervlakkig mogelijk. Nooit dieper steken dan strikt noodzakelijk is om de begroeiing op dit specifieke plekje onder te werken. Er mag geen groen boven de grond zichtbaar blijven. Om er voor te zorgen dat dit groen vervolgens door het bodemleven wordt afgebroken en opgegeten, loop ik er overheen. Voetje voor voetje, zodat ik de zode goed aandruk. Er blijven geen holtes met lucht over en de onkruidplanten raken ingeklemd tussen grond. Bij zwaardere grondsoorten is dat misschien jammer, omdat je dan juist wat lucht in de bodem wilt hebben. Hier hebben we lichte zandgrond waar bovendien voldoende (méér dan voldoende) lucht in gebracht wordt door de immer actieve woelratjes. Voor mij werkt deze methode goed. Niet zo diep steken betekent bovendien dat het werk wat minder zwaar is.

Evengoed blijft het een belasting voor de rug (die nooit meer helemaal de oude is geworden sinds ik een paar jaar geleden in een konijnenhol stapte…). Ik heb daarom dit jaar iets nieuws geprobeerd: ik heb een klein tuinfreesje gehuurd. Daarmee kon ik in één middag de hele tuin omwerken. Helaas bleek het freesje niet diep genoeg te werken: veel groen bleef boven de grond uitsteken, zodat het vrolijk verder kon groeien. Gelukkig (elk nadeel heb zijn voordeel) was het lange tijd erg droog weer met veel zon en veel wind; hierdoor zijn de losgefreesde plantjes verdord en afgestorven. Dat is ook goed! Toch was al met al het effect van het frezen onvoldoende zodat ik nog erg veel werk heb gehad om het losgefreesde onkruid alsnog onder te werken of af te voeren.

Organisch materiaal laten we nooit verloren gaan. Alles wat afgevoerd moet worden bij de grote schoonmaak, gaat naar de composthoop: onkruiden, overtollige planten, oude bloeistengels van vorig jaar (die gelukkig in de meeste gevallen gemakkelijk met de handen afgebroken kunnen worden; geen snoeischaar nodig) en het stro dat ik in de herfst heb uitgestrooid, voor zover dat niet verteerd is. Er is een flinke hoop materiaal verzameld, verrijkt met de mest uit het kippenhok. Daar kan ik later een mooie composthoop van opzetten.

Om de oppervlakkig wortelende planten (Arnica montana) op gang te helpen in dit droge voorjaar, heb ik deze week de tuin al weer moeten beregenen! Gelukkig zijn ze daar mooi van opgeknapt. Al met al lijken er deze winter minder planten te zijn uitgevallen, dan in voorgaande jaren.

23 maart: direct na het frezen: je ziet de voren van de frees lopen

6 april: steeds meer taartpunten worden zwart

13 april: bijna klaar!

het lijkt zwart, maar er staan al weer rijen vol kleine planten!